Schaamtegevoel en loslaten

Schaamtegevoel is, net als schuldgevoel, een emotie die onbewust een grote invloed heeft op ons doen en laten. 

Schaamtegevoel zit genetisch in ons, net als schuldgevoel en angst voor afwijzing en verlatingsangst. Het is evolutionair functioneel, om te voorkomen dat je uitgestoten of verbannen wordt uit de groep, de stam of het volk waartoe je behoorde. Ons schaamte- en schuldgevoel zorgt ervoor dat we ons best doen om onderdeel te blijven uitmaken van sociale groepen.

Schaamte wordt veroorzaakt door dingen die vroeger in je jeugd zijn gebeurd.  Het zijn de situaties in het heden die dat schaamtegevoel van vroeger triggeren. Vandaar dat mensen verschillen in de mate waarvoor ze zich ergens voor schamen. Ook als situaties nu plaatsvinden, komt het niet hebben van een gepaste reactie op een beschamende situatie voort uit vroeger. Op zich is schaamt een nuttige emotie. Als je je echter vaak schaamt of als schaamte over een gebeurtenis niet weggaat, is het niet meer functioneel en beïnvloedt het bewust en onbewust je handelen (vermijdingsgedrag), waardoor je jezelf tekort doet. Schaamte kan voortkomen uit een grote variëteit aan gebeurtenissen.

Schaamte kan voortkomen uit een reële angst van vroeger. Het kan bijvoorbeeld zijn dat je bang bent belachelijk te worden gemaakt, voor schut te worden gezet of uitgelachen te worden. Het is dan in de jeugd een reële angst geweest dat dit gebeurde. Of omdat je zag dat het om je heen gebeurde, of omdat je zelf werd bespot door je ouders of je broers of zussen of op school. Ook als je vroeger de verbale boodschap hebt meegekregen dat je het toch niet kunt of dat je nergens voor deugt, of als je de non-verbale boodschap hebt meegekregen dat je niet kunt meekomen en dat je het niet gaat redden, ontwikkel je faalangst. Van hieruit kan weer schaamte ontstaan.

De oorsprong van faalangst kan zijn dat je als kind medelijden of te doen had met een van je ouders en dat je geprobeerd hebt haar te helpen of te troosten. Natuurlijk lukte dat niet, omdat jij niet de oorzaak was van haar eenzaamheid of van haar slachtofferrol, waardoor jij ook niet de oplossing daarvoor was. Maar dat kon jij als kind vanzelfsprekend niet weten. Sterker nog: ondanks dat je als kind zo enorm je best deed, lukte het je niet je moeder te helpen en te redden. Hier zit overigens doorgaans ook de voedingsbron dat je in latere relaties blijft doorgaan met het proberen te veranderen van je partner in de vorm van helpen, redden en/of verzorgen.

De mantra die je in je leven meedraagt kan zijn ‘Ik ga het niet redden’. De voedingsbodem in dit voorgaande voorbeeld kan dan liggen bij het emotioneel misbruik van vroeger, toen je als kind geen schijn van kans had om de eenzaamheid van je moeder te verlichten. Dat je in je latere leven vervolgens burn-out raakt, is dan niet niet verwonderlijk. Je hebt nooit de vaardigheden meegekregen en later niet kunnen ontwikkelen om met je huidige omgeving om te gaan, te meer daar die omgeving onbewust veel overeenkomsten vertoont met vroeger. Als je daar nog veeleisendheid, verantwoordelijkheidsgevoel en de daaruit voortvloeiende perfectie bij doet,  kan een burn-out al gauw op de loer liggen.

Schaamte kan ook getriggerd worden doordat je naar beneden wordt gehaald in het bijzijn van anderen. Wat enorme schaamte veroorzaakt is als de ene partner, waar de familie of vrienden bij zijn, aangeeft dat je bijvoorbeeld de opvoeding van de kinderen “helemaal verkeerd” doet. De partner die dat uitroept heeft niet door dat hij of zij zich zelf belachelijk maakt, want velen zullen denken: ‘En waar ben jij in dit verhaal?’, maar de schaamte bij jou is er dan niet minder om. Als de kinderen daar dan bij zijn, kan het effect gezagsondermijnend zijn.

Dat een partner de ander voor schut zet, komt doordat die partner het kennelijk nodig heeft voor diens eigenwaarde om de ander, jou in dit geval, naar beneden te halen. Voor iemand die het ondergaat, raakt het de afwijzing van vroeger, waardoor de eigenwaarde nog meer naar beneden gaat. Door diezelfde afwijzing van vroeger ben je (nog) niet in staat om iets dergelijks te voorkomen of om adequaat te reageren. Waar het in een dergelijk geval om gaat is wat maakt dat je je voor schut láát zetten; daar zit de doorbraak.

Schaamte kan ook voortkomen als reactie op schuldgevoelens. Die schuldgevoelens kunnen dan weer een reactie zijn op verantwoordelijkheidsgevoel. Als je bijvoorbeeld het liefst je invalide en daardoor afhankelijke partner in een verpleegtehuis zou willen laten opnemen, kun je daardoor schuldgevoelens ontwikkelen. Als blijkt dat die schuldgevoelens niet de partner betreffen, maar de angst wat mensen erover zullen denken (‘Dat je hem dumpt’) is er sprake van schaamtegevoel daarover.

Dergelijke schaamtegevoelens zijn terug te brengen tot vroeger: ‘Wat zullen ze er wel niet van denken?’. Hierbij kan een rol spelen de statusgevoeligheid van de ouders. In dergelijke gezinnen kan de ‘binnenwereld’ van het gezin er heel anders uitzien dan dat naar de buitenwereld werd uitgestraald. Als het er voor de buitenwereld maar netjes uitzag, desnoods ten koste van het emotioneel welzijn van de kinderen.

Je kunt ook plaatsvervangende schaamte hebben. Als je bang bent dat iemand die jou na staat, iets geks zal doen of zeggen, is er sprake van plaatsvervangende schaamte. Die schaamte kan er dan alleen zijn als je je verantwoordelijk voelt voor het gedrag van de ander. Die verantwoordelijkheid is niet terecht als het iemand is waarvoor je niet verantwoordelijk bent, bijvoorbeeld een broer of zus of een van je ouders.

Als je plaatsvervangende schaamte voelt voor een van je ouders, is er van rolomkering sprake en voel je je aangesproken op wat men van die ouder zou kunnen denken of vinden. Je bent dan als het ware de ouder van je ouder en dan zit jouw ouder bij jou in de kindrol. Dergelijke rollen dateren van toen je klein was. Ook toen is er waarschijnlijk op de een of andere manier een beroep op je gedaan, het zij omdat je je ouder vroeger wilde helpen, redden of verzorgen, hetzij omdat je vroeger taken kreeg toebedeeld waar je nog te jong voor was.

De kans is groot dat je dergelijke rollen herhaalt in je relaties. Als er ongelijkwaardige rollen zijn in een relatie kan dit een grote oorzaak zijn van conflicten en elke keer terugkerende ruzies. Daarnaast speelt dat als je een van je ouders vroeger hebt willen helpen, redden or verzorgen, je dit ook naar je partner zult doen, omdat dit je vertrouwd voorkomt. Vandaar dat je op een behoeftige partner valt, anders valt er niets te helpen, redden of verzorgen. Daarnaast speelt dat je bij omkering van rollen niet emotioneel los zult zijn gekomen van je ouders, waardoor je niet in staat bent om emotioneel onafhankelijk een relatie in te gaan en je emotioneel te binden aan een evenwichtige partner. Dergelijke aspecten van emotionele afhankelijkheid en rolomkeringen binnen relaties kunnen  een patroon van aantrekken en afstoten veroorzaken.

Vaak zijn schuldgevoelens en schaamtegevoel met elkaar verweven en spelen er daarnaast dus nog andere aspecten een rol, zoals medelijden hebben met een van je ouders, een slachtofferrol van een van je ouders en verantwoordelijkheidsgevoel dat je ten  onrechte als kind op je hebt gekregen. Met een dergelijk schuld- en schaamtegevoel kun je tot op de dag van vandaag leven. De meest voorkomende bewuste en onbewuste gedachte over schaamte is ‘Wat zullen ze wel niet van mij denken…’ als een gebeurtenis associaties heeft met vroeger. Daarom is het belangrijk te achterhalen wat de bron is van je schaamtegevoel, hoe je het nu nog onbewust en onbedoeld zelf in stand houdt en hoe je dat patroon kunt veranderen.

Kortom: schaamte- en schuldgevoel is doorgaans verweven met aspecten als medelijden hebben met en het in de slachtofferrol hebben gezeten van een van de ouders. Daarnaast spelen verantwoordelijkheidsgevoel en het de schone schijn ophouden naar de buitenwereld een grote rol. Hoe deze aspecten met elkaar verwezen zijn (oorzaak en gevolg) verschilt per situatie.

Ik heb een Videojaarprogramma ontwikkeld met de TOP 15 aspecten waar mensen, die willen loslaten, last van hebben: Piekeren, Angst en paniek, Depressieve gevoelens/dips/down/neerslachtigheid/gedeprimeerdheid, Eenzaamheid/leegte/gemis, Slecht slapen, Stress/spanning, Burn-out/overspannenheid/overwerkt, Vermoeidheid/ futloosheid/energiegebrek, Gebrek aan zelfvertrouwen/negatief zelfbeeld/minderwaardigheidsgevoel, Besluiteloosheid/niet kunnen kiezen/twijfel/spijt/dilemma/geen actie ondernemen, Geen grenzen aan kunnen geven/geen Nee kunnen zeggen/pleasegedrag, Schaamte en schuldgevoel, Boosheid/agressie/frustratie/ergernissen, Emotionele pijn, Niet kunnen genieten/niet de zin van het leven weten/niet gelukkig zijn/niet weten wie je bent.

Over elk van de symptomen leer je wat het is, hoe het ontstaat en hoe jij het kwijt kunt raken.

‘Je video heeft me meer gedaan dan de psychiater, psychotherapeut en psycholoog in het verleden.’
‘Je geeft concrete en praktische tips om er vanaf te komen’

De eerste video, over Piekeren, kun je hier gratis en vrijblijvend bekijken, om te kijken of het Videojaarprogramma iets voor je is. Meer informatie over het Videojaarprogramma of het Videojaarprogramma direct bestellen kan hier.

Mijn boek Stop liefdesverdriet gaat over jouw eigen aandeel in jouw relatie en wat je daarin zelf ten goede kunt veranderen (290 pagina’s, 24,95 euro). Ook kun je lezen hoe we tot onze partnerkeuze komen en wat de invloed daarvan is op je leven. Je kunt een Gratis Probeerversie (38 pagina’s) downloaden, met de Cover, Inleiding, Inhoudsopgave, Tekst en de Achterzijde kaft.

‘Je geeft veel concrete tips en dat vind ik zeer waardevol!’

Hier vind je de Gratis Probeerversie en hier kun je het boek ook  aanschaffen.
Makkelijk bestellen (geen verzendkosten) kan hier. 

Hartelijke groeten,

Ammy van Bedaf MSc

Universitair geschoolde psycholoog

Cognitieve gedragstherapie

info@loslaten.nu          06-53 65 13 59          www.loslaten.nu

Lidmaatschapsnummer Nederlands Instituut voor Psychologen (NIP) 213178