Loslaten van zwart-wit-denken en van alles-of-niets-denken

Loslaten van zwart-wit-denken en van alles-of-niets-denken is heel wel mogelijk. Dit eendimensionale denkpatroon heeft veel consequenties. Zo is de kans groot dat je niet altijd even genuanceerd kunt denken, of dat je niet gauw op andere opties of mogelijke oplossingen kunt komen voor kleine en grote problemen. Er zijn altijd meerdere mogelijkheden. ALTIJD. Er zijn altijd minimaal twee keuzes, ook in zeer bedreigende situaties. In vrijwel alle gevallen en situaties en omstandigheden zijn er meer dan twee mogelijkheden. Het is vanuit jouw patronen van vroeger dat je er in een aantal gevallen maar één zult zien.

Het is de kunst om de vaardigheid te ontwikkelen om op zijn minst tweedimensionaal te leren denken. Van daaruit kun je oefenen met het meer-dimensionaal denken en kun je een multi-dimensionaal denker worden. Hoe ik dat weet? Ik ben zelf een eendimensionaal denker geweest en ben nu een multi-dimensionaal denker en ik weet wat ik er onder andere voor gedaan heb om dat te kunnen worden. Dat maakt dat ik een eendimensionaal denkpatroon snel kan herkennen (ook zonder dat mensen de woorden alles-of-niets of -zwart-wit gebruiken). Een eendimensionaal denkpatroon herken je sowieso aan het feit dat mensen maar één oplossing voor iets of voor hun probleem zien.

De oorzaak van dit alles-of-niets-denken en van dit zwart-wit-denken zit in patronen uit jouw jeugd. Zo heb je nooit van je ouders meegekregen dat er andere meningen, opties, mogelijkheden of oplossingen waren, omdat alleen de waarheid of de werkelijkheid van jouw ouders gold of werd doorgedrukt. Er zal bij jou thuis niet veel gepraat zijn, niet veel besproken zijn, laat staan dat er levendige discussies plaatsvonden waarin verschillende meningen er mochten zijn. Als je uit een nest komt waarin de mogelijkheden hierin beperkt of afwezig waren, heb je die hersenverbindingen in je brein ook niet kunnen ontwikkelen. De kans is groot dat ook jouw ouders een eendimensionaal denkpatroon hadden. Jouw ouders hadden een ongelijkwaardige relatie met een dominante ouder en een ondergeschikte ouder en zij waren (ik weet dat je hier zeer waarschijnlijk anders naar kijkt) meer met zichzelf dan met hun kinderen bezig.

En als je dan niet later in je leven alsnog de mogelijkheid hebt gehad of gecreëerd om je manier van denken en om je gespreksvaardigheid en je handelingsvaardigheid te ontwikkelen, leef je nog in een alles-of-niets-modus. Je hebt inmiddels zelf gemerkt dat dat zich niet alleen tot het denken beperkt, maar dat je je daar ook naar gedraagt. Je zult in je relaties en in je werk (werk) in deze alles-of-niets-modus staan, of je wilt of niet. Ook jouw impulsieve gedrag (dat is al het gedrag dat je niet kunt uitstellen) draagt hiertoe bij. In feite is het denken vanuit alles-of-niets en vanuit een zwart-wit-modus een logisch denkpatroon vanuit jouw jeugd. Je hebt geen andere voorbeelden gehad dan jouw ouders en kon je daar dus ook als kind en als jong-volwassene niet in ontwikkelen.

Een misverstand zou zijn om te denken dat een meerdimensionaal denkniveau samengaat met een hoog IQ of met een hoog opleidingsniveau. Dit zijn daarentegen twee totaal verschillende aspecten. Je kunt laag opgeleid zijn en uit een emotioneel gezond nest komen en een meerdimensionaal denkniveau hebben en je kunt uit een emotioneel ongezond nest komen en een hoog IQ hebben en hoogopgeleid zijn en een topfunctie hebben en een eendimensionaal denkpatroon hebben. De onderliggende drijfveren zijn dan om anderen (in feite nog steeds de eigen ouders, ook als ze niet meer in leven zijn) te laten zien dat je het wel kunt.

Het alsnog ontwikkelen van een meerdimensionaal denkniveau is een heel mooi proces om mee te maken, want je bent je bewust van je eigen groeispurtjes en ontdekkinkjes. Je gaat dan in de loop van de tijd merken dat het leven juist tússen de uitersten van alles of niets wordt geleefd. Het is dan niet meer het een of het ander (“Jij eruit of ik eruit”, “Ik wil het nu weten, anders kun je gaan”, “Ik wil nu van je horen welk toekomstperspectief onze relatie heeft, anders kap ik ermee”, en alle “Als…..dan…….-illusies: “Als jij hulp zoekt / Als jij stopt met drinken…..dan gaat het goed komen.”) maar dan ontstaan er tussenoplossingen en tijdelijke oplossingen en nieuwe en andere mogelijkheden, die eerst niet werden ‘gezien’.

Iets heeft altijd twee dimensies en daardoor vier mogelijkheden. Ik geef even een voorbeeld. Een voorbeeld van zwart-wit-denken is: het kan wel of niet regenen. Dit is eendimensionaal denken: wel/niet regenen. Vergelijk: wel/niet alleen blijven, wel/geen relatie, wel/geen andere baan zoeken, wel/geen kinderen, wel/niet die mail eruit doen, etc., waarbij jouw onbewuste angst jou in de dimensie wel/niet alleen blijven in de dimensie ‘alleen (over)blijven’ duwt. Dat is zoals jouw brein vanuit jouw patronen van vroeger (verlatingsangst, angst voor afwijzing, e.d.) is geprogrammeerd en daardoor tot nu toe ook altijd heeft ervaren.

Een andere dimensie is bijvoorbeeld dat het hard of zacht kan regen in de wel-regen-optie en dat ook dauw of mist vocht geeft zonder dat er regen is. Weer een andere dimensie is de samenstelling van de neerslag: sneeuw, hagel, of regendruppels? Dit is een voorbeeld ten aanzien van regen. Naar mijn mening kennen alle aspecten van het leven meerdere dimensies en het is de kunst al die dimensies te leren kennen en om open te leren staan voor al die dimensies. Die verschillende dimensies zijn ook van toepassing op de aspecten van het leven, zoals ten aanzien van relatie, werken, wonen, opleiding, beroep e.d.

Zo leven mensen die emotionele pijn in hun relatie of die onrust in hun werk hebben, in de eendimensionale gedachte dat je ten aanzien van een relatie die relatie alleen maar wel of niet kunt hebben en dat je ten aanzien van je werk of baan dat werk of die baan alleen wel of niet kunt hebben. Het is in hun beleving wel of niet. Terwijl de realiteit is dat er zowel ten aanzien van je relatie of ten aanzien van je werk nog tien andere reële mogelijkheden zijn.

Het is de kunst om de vaardigheid te ontwikkelen om andere opties en mogelijkheden te kunnen bedenken of te vergaren. Je hoeft ze ten slotte niet allemaal zelf te bedenken. Toen ik een jaar of twee geleden ineens merkte dat ik als het ware uit Google was ‘gesweept’ (ik kwam niet meer voor op de eerste 75 pagina’s) pakte ik, nadat ik van de eerste schrik was bekomen (dat is meestal nadat ik eerst een warme chocolademelk heb gemaakt) een A-viertje en legde die neer op tafel. Ik schreef er alle ingevingen en mogelijke oplossingen en acties op die ik eventueel zou kunnen doen, van het googelen naar het probleem, tot het raadplegen van mijn webbouwer. In de loop van twee dagen had ik 9 punten en de negende was het laatste redmiddel: desnoods het helemaal opnieuw laten maken van een nieuwe website. Het gekke was dat ik juist door dit laatste ultieme redmiddel gerust gesteld was met de gedachte dat ik altijd een oplossing had. Uiteindelijk is mijn website, door de andere opties aan te boren en uit te voeren, in de loop van een paar weken weer langzaam teruggekomen waar die was (de eerste pagina in Google), zelfs zonder dat we ooit achter de echte oorzaak zijn gekomen. Ik panikeerde niet (ik heb ook Belgische lezers…) en handelde vanuit mijn ontwikkelde: er-zijn-oplossingen-alleen-ik-weet-nu-nog-niet welke-Modus: Hoe kan ik …..?. Wat moet ik ervoor doen om…?. Dit zijn de twee gouden vragen om iets gerealiseerd te krijgen: Hoe kan ik ervoor zorgen dat ik weer op de eerste pagina van Google kom? Wat moet ik er voor doen om het probleem te achterhalen?

Mensen die eendimensionaal denken en die in hun jeugd niet bevestigd werden in het (goed) kunnen doen of in het realiseren van dingen, denken ook eendimensionaal over de dingen die ze kunnen: ze kunnen iets wel of niet. Voor een aantal aspecten geldt dan dat men ten onrechte in de Ik kan het niet-modus schiet van faalangst. Terwijl iemand iets altijd in meerdere of in mindere mate kan. Dit is weer een andere dimensie. En op het ene moment misschien iets beter dan op een ander moment. Dit is nog een andere dimensie. En in de ene situatie/omgeving kun je het misschien beter dan in een andere situatie/omgeving. Nog weer een andere dimensie. En je kunt het beter dan mensen die het helemaal niet kunnen. Weer een andere dimensie.

Het is aan jou om te kijken op welke momenten en in welke situaties en met welke mensen om je heen dingen beter gaan en lukken dan op andere momenten en wat hierbij kennelijk de beslissende factoren zijn. Het is aan jou om die belemmerende factoren te verminderen of uit te bannen en om juist enthousiasmerende en motiverende en energiegevende factoren te organiseren en op te zoeken.

Een heel belangrijke vraag is dus: Hoe kan ik…..? Nu leef je ten aanzien van bepaalde aspecten nog in de ik-kan-het-niet-Modus. Een dergelijke modus bevestigt zichzelf, want zo zul je het inderdaad ook nooit leren en je daarin ook niet ontwikkelen. Als je bijvoorbeeld alsnog graag wilt studeren, stel je jezelf de vraag: Hoe kan ik dat realiseren? Wat is daarvoor nodig? Wat wil ik en hoe kan ik dat realiseren? Dan ga je opschrijven wat er voor nodig is en bij al die verschillende aspecten schrijf je: Hoe kan ik dat realiseren? of Wat is daarvoor nodig? En bij al die respectieve aspecten schrijf je vervolgens ook weer: Wat is daarvoor nodig? Tot je de kleinst mogelijke deelactiviteit hebt waar je mee aan de slag kunt.

Het zo opsplitsen in de kleinst mogelijke deelactiviteiten is ook een mogelijkheid voor mensen die burn-out of depressief zijn, om uit hun futloosheid en machteloosheid en lamlendigheid te komen.

Nog een voorbeeld: ik overweeg om een keer op de motor naar de Noordkaap in Noorwegen te gaan. Het enige waarvoor ik bevreesd ben is dat ik wat aan mijn motor krijg, waardoor ik niet verder zou kunnen en zou stranden. Wat is er nodig om dan wel verder te kunnen? Ik heb bedacht dat het mij zeer wel zou helpen als ik van te voren al weet waar alle BMW-motordealers in Noorwegen zitten. Als je daar namelijk bent is het lastiger uit te zoeken dan thuis met internet. Ik zorg dus dat ik dat van te voren heb uitgezocht en neem die lijst mee en teken die dealers aan op mijn routekaart. Zo tackel ik altijd mijn belemmeringen. En als je in deze modus leeft (Hoe kan ik….?) zijn er vrijwel geen belemmeringen.

Een andere manier om multidimensionaal te leren denken is om zelf altijd zo veel mogelijk redenen of oorzaken te gaan bedenken bij een gebeurtenis. Ik heb dat zelf regelmatig beoefend en zo oefen je je brein om meer facetten of aspecten of kanten van een verhaal of zaak of gebeurtenis voor jezelf inzichtelijk te maken.

Ook kun je aan anderen vragen hoe ze naar een situatie kijken. Daar kun je veel van leren. Je hoeft het niet met de ander eens te zijn, maar je leert zo dat er heel veel verschillende meningen en argumenten en beweegredenen en motieven en drijfveren zijn voor een zelfde gebeurtenis.

En dan zul je zien dat als je je afvraagt waarom iemand iets heeft gedaan op de manier waarop hij of zij dat deed, je daar zelf al 10 redenen voor kunt hebben opgeschreven, maar dat je, als je het bij betrokkene gaat navragen, hij of zij nog een andere reden kan hebben dan die jij allemaal al hebt kunnen bedenken.

Een ander leermoment voor mij is geweest dat er vrijwel nooit slechts één reden is voor iets. Er zijn (vrijwel) altijd meerdere redenen die tegelijkertijd en naast elkaar spelen. Het woordje ‘of’ kan dan ook vrijwel altijd vervangen worden door het woordje ‘en’. Ik leef nu dan ook in het besef dat ik de reden of oorzaak van iemands gedrag niet kán weten, tenzij ik het bij die ander check/verifieer/vraag. En dat maakt het toch allemaal wel weer heel overzichtelijk.

Je kunt zelf denkoefeningen gaan doen. Ik doe dat nog regelmatig, omdat ik het gewoon leuk vind. Ik doe dat vanuit het besef dat ik iets niet weet omdat ik het simpelweg niet kán weten. Ik kijk dan hoeveel verschillende mogelijkheden of oorzaken of oplossingen ik van iets kan bedenken. Als je bijvoorbeeld een fiets op de grond ziet liggen, kun je met jezelf gaan oefenen wat je ziet. Als het hard waait, heb je al gauw de neiging om te denken dat het een omgewaaide fiets is, maar dat weet je natuurlijk niet want de fiets kan al op de grond hebben gelegen voordat het waaide. Ook kan het gestormd hebben en dat de fiets ondanks deze storm bleef staan en dat iemand de fiets uit voorzorg heeft neergelegd. Hij kan omgeduwd zijn. Hij kan van zijn standaard zijn gevallen. Hij kan omgestoten zijn en dat kan weer per ongeluk of expres zijn.

Zo kun je met jezelf oefenen, ook over je eigen interpretaties en aannames. Zolang je niet hebt gezien hoe het kwam dat de fiets op de grond kwam te liggen, weet je maar één ding zeker: het is een fiets die op de grond ligt. De rest van de invullingen die je er zelf aan geeft (bijvoorbeeld Expres omgeduwd) zijn jouw eigen aannames en niet gecheckte interpretaties vanuit je patronen van vroeger. Toen ik destijds mijn eigen niet-gecheckte aannames en interpretaties ging checken en verifiëren, kwam ik er achter dat ik er in 9 van de 10 gevallen naast zat. Dit was een ontluisterende bevinding. Vandaar dat ik nu heel makkelijk kan leven met de gedachte dat ik iets niet weet en dat als ik wel wil weten hoe het zit, ik het aan betrokkene vraag. Ik ervaar daarom altijd de keuze: wel of niet vragen, nu of later vragen, mondeling of schriftelijk vragen etc. Ik ben daar niet veel mee bezig en laat zo mijn onbewuste zijn werk doen, waarna er vanzelf op enig moment iets uitrolt.

Mensen die in de alles-of-niets-modus en in een zwart-wit-denkpatroon zitten, menen te weten hoe het allemaal zit ten aanzien van de ander (partner, baas, kinderen, ouders e.d.). Dit is een illusie die grote gevolgen heeft, omdat je ook vanuit die niet-gecheckte interpretaties en waarnemingen leeft en je je ook op grond daarvan naar de ander toe gedraagt. Die ander reageert daar vervolgens weer op, wat vanuit die ander heel logisch gedrag is. Zo kan het gebeuren dat je zelf het gedrag hebt veroorzaakt waar je je bij de ander aan ergert of waar je de ander voor veroordeelt.

Kortom: Door alsnog jezelf bepaalde concrete vaardigheden aan te leren is het mogelijk om je in de loop van de tijd een meerdimensionaal denkpatroon aan te leren, waardoor je je alles-of-niets-denken kunt loslaten.

[contentblock id=3 img=gcb.png] [contentblock id=4 img=gcb.png] [contentblock id=5 img=gcb.png]