Hoe kun je controlebehoefte loslaten?

Ik durf wel te stellen dat iedereen die op mijn website terecht komt, hinder ervaart van aspecten als controlebehoefte en angst voor afwijzing. De angst voor afwijzing is voor iemand zelf doorgaans beter te benoemen dan de eigen controlebehoefte. Zoals alle aspecten van vroeger, heeft ook controlebehoefte vele uitingsvormen. Het is daarnaast makkelijker  het controlfreakerige gedrag van  iemand anders te herkennen dan het herkennen van je eigen controlebehoefte.

Het kan bijvoorbeeld zijn dat je het liefst wilt bepalen wát er gebeurt en dat je daarnaast wilt bepalen op welke manier (hóe) iets gebeurt. Een andere vorm van controlebehoefte is het controleren van de sociale media of de e-mail of de gsm van de ander om te achterhalen met wie de ander gebeld, ge-smst of gemaild heeft. Of dat je je partner op het werk belt om te zien of hij of zij er wel is. Een andere voorbeeld is dat je wilt weten hoe laat je partner thuis komt of met wie je partner allemaal gesproken heeft.

Dit heeft allemaal niets met je partner te maken, maar met je eigen behoefte aan controle. Als je dit gedrag vertoont zonder dat er objectief gezien enige aanleiding voor is, heeft het paranoïde vormen aangenomen. Ook hier zitten angsten van vroeger onder. Vroeger waren die angsten terecht; nu niet meer maar nu gedraag je je er nog wel naar omdat je nooit anders hebt geleerd.

Ook de manier waarop iets wordt gezegd kan veelzeggend zijn, zoals bijvoorbeeld: “Ik deed een voorstel, P wees het af en deed niet eens een tegenvoorstel.” Dat laatste klinkt als een verwijt. Het klinkt bedoeld en onbewust als een verwijt. In dit geval spelen twee aspecten een rol:

De manier waarop dit ‘voorstel’ werd gedaan, was direct (“Ik wil….”) en kan dan ook niet als een voorstel worden gezien. Een voorstel is altijd een vraag: “Heb je zin om…?” of “Zullen we….?”

Als dan ook nog een tegenvoorstel wordt verwacht, is het ‘voorstel’ voorwaardelijk. De boodschap is: ‘als je er niet in mee gaat, mag ik toch wel van je verwachten dat je een tegenvoorstel doet….’. Zo onvoorwaardelijk was het ‘voorstel’ dus niet.

In feite is het nog gecompliceerder, want de gedachte dat de ander niet eens met een tegenvoorstel kwam, ontstaat natuurlijk pas nadát het eigen voorstel was afgewezen. Het was namelijk aanvankelijk juist helemaal niet de bedoeling dat er een tegenvoorstel zou komen, anders zou de vraag heel anders geluid hebben, bijvoorbeeld: “Ik heb wel zin in dit-en-dat. Waar zou jij zin in hebben?” Ons brein doet er namelijk van alles aan om maar niet naar ons eigen aandeel te hoeven kijken. Zo vrijblijvend was het ‘voorstel’ dus niet.

Bovendien hoor je op een voorstel vrijblijvend te mogen reageren: óf er wel (gedeeltelijk) in meegaan, óf niet. Als die ruimte er niet is, is het daarom al geen voorstel, maar een verkapte opdracht. Een verzoek is pas een verzoek als alle reacties er op mogelijk zijn, anders is het geen verzoek maar een emotionele claim, eis of opdracht.

Onbewust hoort die ander die er onder liggende non-verbale boodschap en de ander reageert transparant op die non-verbale boodschap. Vandaar de ergernis bij de ander, die er echter geen vinger op kan leggen waardóór de eigen ergernis wordt veroorzaakt. De reactie van de ander is echter wel degelijk logisch en terecht. De ‘verzoekende’ partij heeft niet door dat hij/zij helemaal geen verzoek heeft gedaan en begrijpt de reactie van de ander vervolgens niet.

Het lastige is namelijk dat we wel deze non-verbale boodschappen bij iemand anders herkennen (omdat we er natuurlijk erg veel last van hebben), maar dat we daarentegen blind zijn voor onze eigen non-verbale boodschappen. Die op hun beurt weer ergernis bij de ander veroorzaken.

Je kunt daarom heel goed aan andere mensen zien en merken hoe je zélf gecommuniceerd hebt. Als de ander namelijk in de verdediging gaat, heb je zelf op de een of andere manier een verwijt geuit. Hetzij verbaal, hetzij non-verbaal; het-zij non-verbaal in woorden of in daden of in je gezichtsuitdrukking. Als je (non-)verbaal iets van een verwijt hebt uitgezonden, is de kans dat je krijgt wat je wilt, nihil.

Een van de meest voorkomende en tegelijkertijd minst zichtbare vorm van controlebehoefte is dat we dénken dat we de ander iets vragen en dat we dénken dat we de ander de ruimte geven voor diens reactie, terwijl het feitelijk een gesloten of een suggestieve vraag was, of dat we de ander juist geen ruimte geven. Hier zijn we ons dan niet van bewust.

Als iemand op deze voorwaardelijke manier voorstellen doet, biedt het betrokkene altijd zelf wat, want zo behoudt je zelf de controle. Ook het de ander verwijten vervolgens niet met tegenvoorstellen te komen, biedt je wat, want dan kan de schuld bij de ander gelegd worden, waarbij jouw eigen aandeel geheel buiten beeld blijft. Denk je. Het blijft niet buiten beeld omdat de ander feilloos jouw non-verbale boodschap oppikt, zonder te weten waar het hem nou in zit wat niet prettig voelt.

Als je een ‘voorstel’ doet in de vorm van een gesloten vraag (“Zullen we dit-en-dat gaan doen?”) geeft jou dat controle, want als je een open vraag zou stellen (“Wat zullen we gaan doen?”) moet je meewegen wat de ander zegt. Vandaar dat mensen met controlebehoefte (vrijwel) alleen gesloten (“Zullen we naar de kerstmarkt gaan?” en/of suggestieve vragen (“Jij vindt het ook wel leuk om naar de kerstmarkt te gaan, hèh schat?”) stellen.

Het stellen van gesloten en suggestieve vragen biedt de vragensteller controle over de situatie. Er zijn dan ook maar weinig (in mijn ogen goede) interviewers die open vragen stellen. Terwijl als open vragen worden gesteld, de geïnterviewde zich veel veiliger voelt en opener naar de interviewer zal zijn. Het begint daarom met het herkennen van je eigen manier van vragen stellen. In het begin vergt het heel veel hersengymnastiek om je eigen vragen om te zetten in open vragen. Het is een praktische vaardigheid die echter heel goed is aan te leren. En die je enorm veel gaat geven in je verdere leven.

Het verwijt naar de partner in bovengenoemd voorbeeld was dat zij niet met tegenvoorstellen kwam. Als je echter oprecht wil dat de ander ook met voorstellen komt, doe je er goed aan de ander middels een open vraag de ruimte te geven: “Wat zullen we doen?” Dat je dat al niet gedaan hebt, is onbewust omdat je je eigen controle wilde behouden.

Terwijl je niet door hebt dat je dan juist je controle verliest. Hoe meer open vragen je namelijk stelt, hoe meer ruimte er voor de ander is, hoe meer je kunt overleggen over wederzijdse voorstellen, hoe beter en inventiever en creatiever de ideeën worden, des te beter het resultaat. Als het proces (van communiceren) goed is, komt het resultaat vanzelf.

En als je je niet afhankelijk van de reactie van je partner wilt opstellen, zou je een voorstel kunnen doen en onafhankelijk van de reactie van de ander gewoon zelf kunnen gaan. Dan wordt het bijvoorbeeld: “Ik ga dat-en-dat doen, heb je zin om ook mee te gaan?” of “Zou je ook zin hebben om mee te gaan?” Dan heeft de ander alle ruimte om wel of niet mee te gaan én maak je je tegelijkertijd niet afhankelijk van het besluit van de ander.

Dat je hier zelf niet opkomt, komt door jouw emotionele afhankelijkheid van de ander. Hierdoor ontstaat er dan een vraag die geen vraag is (want je wilt dáár naartoe en/of je wilt per sé dat de ander ook meegaat). De ander pikt die non-verbale boodschap op, reageert daarop en een ruzie is geboren. Als je wilt leren jezelf onafhankelijker op te stellen van de ander, kun je daar onder andere aan werken door een andere vraagstelling.

Het paradoxale van controlebehoefte is dat het je juist je controle laat verliezen, over de situatie waar je in zit, over je relatie, over je werk, over van alles. Juist door het leren loslaten van je controle ga je grip krijgen op je situatie en daardoor in de loop van de tijd grip op je relatie en op je werk en dus op je leven.

Het controleren zal je nooit datgene bieden waarnaar je op zoek bent: dat je bevestiging, erkenning, waardering en aandacht krijgt van de ander en dat je het gevoel krijgt dat je er mag zijn. Dat kun je namelijk alleen vanuit jezelf aanleren. Het betreffen concrete omgangs- en communicatievaardigheden waarmee je je dat kunt aanleren. Want andersom werkt het gelukkig ook: als je ander gedrag gaat vertonen, word je mindset ook anders.

Kortom: jouw behoefte aan controle heeft zijn voedingsbron in vroeger. Toen was het nodig, nu niet meer maar je gedraagt je er nog steeds naar. Het aan de slag gaan met je controlebehoefte betreffen praktische en concrete gedrags- en communicatieve vaardigheden.

Ik heb een Videojaarprogramma ontwikkeld met de TOP 15 aspecten waar mensen, die willen loslaten, last van hebben: Piekeren, Angst en paniek, Depressieve gevoelens/dips/down/neerslachtigheid/gedeprimeerdheid, Eenzaamheid/leegte/gemis, Slecht slapen, Stress/spanning, Burn-out/overspannenheid/overwerkt, Vermoeidheid/ futloosheid/energiegebrek, Gebrek aan zelfvertrouwen/negatief zelfbeeld/minderwaardigheidsgevoel, Besluiteloosheid/niet kunnen kiezen/twijfel/spijt/dilemma/geen actie ondernemen, Geen grenzen aan kunnen geven/geen Nee kunnen zeggen/pleasegedrag, Schaamte en schuldgevoel, Boosheid/agressie/frustratie/ergernissen, Emotionele pijn, Niet kunnen genieten/niet de zin van het leven weten/niet gelukkig zijn/niet weten wie je bent.

Over elk van de symptomen leer je wat het is, hoe het ontstaat en hoe jij het kwijt kunt raken.

‘Je video heeft me meer gedaan dan de psychiater, psychotherapeut en psycholoog in het verleden.’
‘Je geeft concrete en praktische tips om er vanaf te komen’

De eerste video, over Piekeren, kun je hier gratis en vrijblijvend bekijken, om te kijken of het Videojaarprogramma iets voor je is. Meer informatie over het Videojaarprogramma of het Videojaarprogramma direct bestellen kan hier.

Mijn boek Stop liefdesverdriet gaat over jouw eigen aandeel in jouw relatie en wat je daarin zelf ten goede kunt veranderen (290 pagina’s, 24,95 euro). Ook kun je lezen hoe we tot onze partnerkeuze komen en wat de invloed daarvan is op je leven. Je kunt een Gratis Probeerversie (38 pagina’s) downloaden, met de Cover, Inleiding, Inhoudsopgave, Tekst en de Achterzijde kaft.

‘Je geeft veel concrete tips en dat vind ik zeer waardevol!’

Hier vind je de Gratis Probeerversie en hier kun je het boek ook  aanschaffen.
Makkelijk bestellen (geen verzendkosten) kan hier. 

Hartelijke groeten,

Ammy van Bedaf MSc

Universitair geschoolde psycholoog

Cognitieve gedragstherapie

info@loslaten.nu          06-53 65 13 59          www.loslaten.nu

Lidmaatschapsnummer Nederlands Instituut voor Psychologen (NIP) 213178